‘Ach, ze voldoen gewoon aan hun verplichting.’
‘Nou, tante Greet, het is toch leuk dat u op Moederdag in het zonnetje wordt gezet? Al die bloemen… uw rolstoel lijkt wel een praalwagen.’
‘Acht kinderen, het hoort niet dat je er twee overleeft. En die andere zes, waar waren ze verleden week zondag?’
‘Uw zoon komt toch altijd?’
‘Ja, en snel weer weg. Naar die moeder van mijn schoondochter. Ik mag haar niet.’
‘Die schoonmoeder?’
‘Ook niet.’
‘U krijgt weer bezoek, tante Greet!’
‘Mijn kleinkind met achterkleinkind. Ze is nog een tiener. Ze houden haar een beetje uit het zicht. Maar ik veroordeel haar niet, hoor. Dacht je dat alle acht van mij gewenst waren? – hier, geef dat kind dit bloemetje!’


Recente reacties