De tafel gaat aan de kant. De kolenkachel wordt wat opgestookt. Mijn oma, in haar eigen stoel, schuift wat aan.
Cadeautjes in een bij elkaar genaaid plaid in het midden van de kamer.
Spanning en gezelligheid. De hond vermaakt zich met het scheuren van sinterklaaspapier.
‘Vind je je cadeautjes niet mooi?’ vraagt mijn moeder de volgende dag.
‘Ja, mooi.’
‘Waarom kijk je dan zo sip?’
‘Ik wil ze nog een keer uitpakken.’
‘Haha, dan moet je tot volgend jaar wachten; dan komt Sinterklaas vast weer.’
Het onbekende laatste ‘volgend jaar’ was het toekomstbeeld van mijn jeugd. Een vervagende dia.
Nog één keer wil ik uitpakken wat me lief is: de dozen met mijn racebaan en trein en al mijn herinneringen.


Wanner de kolenkachel wordt opgestookt, kun je beter niet inde kamer zitten. Wel, wanneer hij wordt opgepookt.
met vriendelijke groet,
Chris
@ Chris.’Even de kachel opstoken’ was bij ons een gangbare uitdrukking.
Hartelijke groet,
Han
Je stookt hout of kolen IN een kachel op. De kachel zelf blijft onopgestookt aangesloten op de schoorsteen.
Je stookt hout, of kolen of olie op en gebruikt daarvoor de kachel.
met vriendelijke groet,
Chris
@Chris. Inderdaad: mijn vader gooide een kit met wat kolen in de kachel; dat werd ‘opstoken’ genoemd.
Als ik nu de gaskachel wat hoger wil doen, dan zeg ik nog steeds ‘even de kachel opstoken’.
Hartelijke groet,
Han