Je wordt oud. En klein. Elke keer dat ik je zie, lijk je weer wat kleiner. Bijna tweeëntachtig en je zal zeggen: bijna veertig jaar gestraft. Nooit heb je de dood van papa verwerkt. Al die tijd bleef je alleen: officieel ‘omwille van de kinderen’, maar eigenlijk mokkend, onverbiddelijk, verbitterd.
Heb je enig idee hoe jouw kinderen zich hier bij voelen? Hebben zij ook niet hun papa verloren op hetzelfde moment? Hebben zij daar om gevraagd? Veertig jaar: al even lang draag ik de blauwe plekken van dit onuitgesproken verwijt op mijn ziel. Het is een pijn die nooit weg zal gaan, zelfs als jijzelf er niet meer zal zijn. En toch, ondanks dit alles: ik hou van je, mama.


Veronderstel even dat jou hetzelfde zou overkomen zijn?