Hij staat daar, op de hoek. Lange, grijze regenjas om een gedrongen postuur. Kaal, sigaret in de mondhoek bungelend, ogen gesloten. Als een wassen beeld zo stil. Een rilling trekt door mijn lichaam. Hij lijkt zo te zijn weggelopen uit een Russische mafia-film. Wat doet hij hier? Waar denkt hij aan? Waar wacht hij op?
Ik moet langs hem om thuis te komen. Hij verzet geen stap, blijft roerloos beide kanten van de stoep blokkeren. Mijn jas raakt de struiken als ik hem achterlangs passeer.
Omkijken doe ik niet. Nee, dan gaat hij vast schieten. Met een pistool of, erger nog, pijl en boog. Recht door mijn hart. Met versnelde pas loop ik door, naar huis. Naar mijn eigen Valentijn.


Goed geschreven en herkenbaar.
Als je wil meedoen aan het weekthema Ontmoeting, moet je voor maandag ervoor zorgen dat ‘ontmoeting’ ergens in je tekst voorkomt.
Dank je, @Lousjekoesje. En nee hoor, deze 120 woorden hoeven niet mee te doen aan het weekthema 😉