Mijn vader hield van anjers. Mijn moeder kocht ze, elke veertien dagen. Voor hem.
Later, toen ik niet meer thuis woonde, bracht ik ook vaak een boeketje voor hem mee, waar dan steevast hetzelfde theaterstukje voor werd opgevoerd.
‘Hallo pappa, ik heb anjers voor je meegebracht.’
‘Voor mamma zeker?’
‘Nee pappa, voor jou.’
Mannen van toen kregen geen bloemen maar tabak en zakdoeken met geborduurd monogram. Ze droegen een hoed en hielden zich afzijdig van elke emotie. Zo ook mijn vader. Anjers en mijn vader, ze zijn voor mij onlosmakelijk verbonden in een altijddurende mooie herinnering aan hem.
Toen hij overleed was zijn kist bedekt met anjers. Bij het afscheid zei ik zachtjes: ‘Deze zijn toch echt voor jou, pappa.’


Die hakt erin.
Heel erg mooi.
Heel mooi kronkel! <3
Dankjewel voor de hartjes en jullie reactie, Inge en Anneke