Maandagmorgen. Ik neem de stofzuiger ter hand – hij zag me alweer aankomen – en met wekelijkse trouwheid laat ik het apparaat meters maken.
Een van de kamers is mijn voormalige computerkamer, uit de tijd dat je nog een flinke ruimte nodig had en voor het beeldscherm, toetsenbord, computer en printer een fors uitgevallen bureau nodig had.
Met de stofdoek slof ik langs boeken en fotolijstjes. ‘Ha Keessie!’ groet ik mijn beste vriend, die veertien jaar geleden het tijdelijke verruilde voor een ereplaats in mijn boekenkast.
Een retrospectief dringt zich aan mij op: vissen bij het ontwaken van de zaterdag, tennissen tot we er bij neervielen, Pink Floyd’s ‘Comfortably Numb’ mee luchtgitaren tot de Duvels op waren. ‘Ik mis je ouwe jongen!’

Een like van mij. Leuk om te lezen dat dit verhaaltje vanmorgen is ontstaan.
De nagedachtenis aan een vriend is ook waardevol Willem. Grt
@Willem: mooi, zo wil ik ooit ook wel bij mijn dierbaren op de kast staan.