Hoe we op ‘strooptocht’ gingen op het wad van Terschelling. Daar moet ik vandaag aan denken. Drie jaar geleden schreef ik over oom Uilke, die geen oom was maar toch wel.
Aan een lijn een paar schollen. Zelfgevangen is lekkerder. Oom Uilke vertelde over schelp- en andere dieren. Dat moet wel boeiend zijn geweest, anders krijg je van een kind geen aandacht.
De kokkels kon je rustig eten, want oom Uilke had het gezegd.
Ik kreeg waterpokken en zag eruit als een mossel van het wad. ‘Het gaat wel over,’ zei oom Uilke. En het ging over. Op Terschelling zijn weinig coronapatiënten. Niet dat zijn ‘helende’ geest daar nog ergens ronddwaalt… soms heb je gewoon behoefte aan ‘een oom Uilke’.


Mooi, zo’n steun en toeverlaat. Graag gelezen, Han.
@Robbedoes. Een onvergetelijke herinnering. En nog leerzaam ook.
Mooi stukje. Ik heb wat kokkels geraapt en gegeten. Meestal in Zeeland, maar ik kom graag op de Wadden. Nu in mijn droom 😉
@Levja. Dank je wel.