Soms werkt mijn hoofd niet mee. Dan is het druk, terwijl er rust heerst. Het voelt angstaanjagend, terwijl het veilig is. Er is geen gat om in te vallen, toch sta ik steeds op de rand van de afgrond.
Het is een kunst om te kalmeren. Inmiddels ben ik erin bedreven, ook al vergeet ik steeds te geloven dat het ook deze keer zal werken.
Dus onderneem ik een strooptocht naar vergeten boeken. Ik hervind ze in een oude hutkoffer. Ooit verslond ik ze als kind en las ze voor aan mijn kinderen.
Mijn geest sputtert tegen: ik moet alert blijven. Heel voorzichtig laat hij zich meevoeren.
Verhaaltjes met een goed einde.
Voor mij is het weer een nieuw begin.

Zeker nu denken we aan: er was eens …
Deze zin ineens in de verleden tijd snap ik niet zo goed: ‘Ooit verslond ik ze als kind en las ze voor aan mijn kinderen.’
Was is er nou fijner dan je lekker laten wegzakken in een goed verhaal? Mooi klein geschreven dit.
@Levja: ik beschrijf mijn heden, maar de tijd van het zelf verslinden en voorlezen ligt achter me. Vandaar de verleden tijd, toch?
@Robbedoes: dank voor je compliment, en ja, naar dat wegzakken verlang ik nog steeds.
Je hebt helemaal gelijk, Lisette. Ik snap vandaag geeneens waarom ik er gisteren moeite mee had.