De heer Vreeswijk is blij dat hij weer thuis is. En dat het niet ‘het’ is. Beangstigend om de dokter in een ruimtepak te zien. ‘Netjes een handje geven’ zoals moeder hem had geleerd was er niet bij.
De angstige gezichten bij de apotheek begreep hij wel; iedereen kijkt iedereen op veilige afstand aan. Zijn geboortedatum fluisterde hij voorzichtigheidshalve toe aan de apothekersassistente. Die had ze echt niet hardop hoeven herhalen. En ook niet: ‘Na de stoelgang een dun laagje zalf aanbrengen.’
De pijn in de mond is een lastige doch onschuldige bacterie. Geen virus! ‘Tweemaal daags aanstippen met het bijgeleverde penseeltje.’ Nou, dat moet toch lukken. O jee, er is maar één penseeltje. Dan maar eerst de mond aanstippen.


Recente reacties