Het begin is altijd veelbelovend. Dan denk je: ze is toch wel aardig. Eigenlijk zegt dat “toch” al genoeg.
Ze neemt een fikse slok uit haar volle “gifbeker” en komt dan met een diepe steek onder water die moeilijk te beschrijven, maar o zo pijnlijk is.
‘Ik heb je verhaal gelezen.’
‘Leuk?’
‘Als jij er tevreden over bent. Weet je zeker dat het fictie is?’
‘Ja, natuurlijk, anders zou ik het niet zeggen.’
‘Nou ja, zoals jij bent…
Naar de kapper geweest?’
‘Ja. Zit het goed?’
‘Ja, hoor. Groeit hard genoeg weer aan. Leuke broek. De mode van 2017 was heel bijzonder.’
‘Nieuwe jurk?’
‘Ja.’
‘Kleedt lekker af, die streep in de breedte. Hadden ze ‘m niet in jouw maat?’


ja, voorbeeld van valsheid ín geschrifte’