Het eerste wat ik doe is toch even naar de binnenkant kijken. Ja, mooi rood. Een hoge haring, niet te klein maar ook zeker niet te groot. Stevig en toch mals. Zilt, je proeft de zee.
‘Doe nog maar twee met staart om mee te nemen,’ zeg ik tegen mijn vaste Volendammer vishandel. Geen haring zwemt er meer in het IJsselmeer, maar ze hebben een goede leverancier die de haring traag laat ontdooien, zodat het zilte zich met de smaak van de haring vermengt: zoute haring is zout.
Een gekoeld snijblok, haring gesneden waar je bij bent.
‘Uitjes en zuur erbij?’
‘Apart graag.’
– welke keuze heb ik voor microplastics?
‘Plastic tasje eromheen?’
‘Nee, bedankt hoor, het gaat zo wel mee.’


Recente reacties