Op het versleten damasten tafelkleedje opent hij zijn laptop om op te schrijven wat hij deze middag gaat beleven. Het zijn van die gedachtekronkels over een mannetje met hetzelfde probleem, dat ongevraagd aan zijn tafeltje komt zitten. Hij laat hem zeggen wat hij had opgeschreven: ‘U mag het best weten,’ zegt het mannetje, ‘tussen twee jonge klare spoel ik die rottige rotgedachten weg. Heeft u dat nou ook?
Dit vind ik nu leuk, dit is spontaan en niet zoals met die hulpverleners, die goedbedoeld er juist voor zorgen dat je met de kerst met je neus op de feiten wordt gedrukt: je bent alleen. Dan krijg ik nog meer van die rottige rotgedachten…’
Hij e-mailt zijn stukje naar de krant.


Recente reacties