Neerwaartse hond, geaard. Via mijn handen en voetzolen voel ik de wortels van het met dauwdruppels beparelde gras groeien. Een voet naar voren, knie boven de enkel. Inademen en armen uitstrekken, andere been naar achteren: Maansikkel. De energie van de zon stroomt mijn lichaam binnen. Mijn adem wordt de wind die de geur van zoete nectar naar de vlinder draagt. Ik ben de wind en de weide. Ik ben de ademhaling van de aarde. Ik ben het licht van de zon en de maan.
Je zit met een kop dampende thee en je haar in een tulband op de veranda, net gedouched. “Hoe was de yoga?” vraag je. Ik kijk naar je, geniet van wat ik zie en antwoord: “Goddelijk.”

Recente reacties