Ze loopt vermoeid naast haar slippertjes, over een weg die je geen weg kan noemen, op weg naar huis dat geen huis is.
Een zakje met wat munten verbergt ze onder haar schamele kleding. Ze vraagt niet wat ze eten want dat is altijd hetzelfde. Dat de kip niet zuiver is proeft ze niet omdat ze niet anders weet. Dat het ook anders kan evenmin.
Ze valt na een paar happen in slaap en loopt in alle vroegte weer over dezelfde weg; wie weet maakt ze er vandaag nog meer…
‘Ik ben bekaf, de hele stad doorgelopen en nog niks kunnen vin… Nou ja, Loes, precies wat ik zoek: een turquoise poloshirt! Dat ze dat voor die prijs kunnen maken…?’


Ze valt begrijpelijk in slaap. Zo saai!
@Anoniem. Nee, triest!
Zo triest dat ’t slaapverwekkend is.
Noemt zichzelf schrijver!?!
De overgang van het leven van het arme meisje naar de luid kwetterende consumenten vind ik krachtig.
(Allemaal boter op het hoofd.)
Arm meisje … en die toeristen vragen zich af waarom het shirtje zo goedkoop is … Mooi beschreven, Han! <3
Goed stukje, Han. Helemaal eens met Alice.
Raar verdeeld in de wereld.
En @anoniem reacties neertikken is ook niet bijzonder stijlvol.
@Ewald, Alice, Marlies en Levja. Hartelijk dank voor jullie sympathieke en vooral respectvolle mening!
“Han Maas Teksten en Publicaties”??? Bonen en erwten, ja!
Mooi Han, de overgang die je maakt van het meisje naar de koopzieke dame die moe wordt van het winkelen. Ook de metafoor van de ‘onzuivere kip’ is goed gevonden. Als je nagaat wie er allemaal nog aan het shirtje meeverdienen dan blijft er voor het meisje bijzonder weinig over.