‘De beste president is nu een camembert,’ zei Marie. Ze haalde het goedje uit de koelkast, ze wikkelde de folie er van, plakte de witte kleverige schietschijf tegen de muur, pakte een mes uit de schuif, en liep drie grote passen achteruit.
Gespannen keek Marcel toe. Herinneringen overspoelden hem. Reuma was hen nog onbekend en zij droeg toen van die mooie, blinkende, strakke circuskleedjes.
Het mes zoefde met een heerlijk plofje precies in het midden van de kaastaart. Hij juichte. Ze was nog altijd bloedmooi en ze kon het nog!
Eens waren zij bekwame schaduwdansers geweest. Straks zouden zij het gemopper van de poetshulp weer moeten verdragen. Maar eerst schonken ze zichzelf een welverdiend kopje vers, warm, dampend wuvvenbier in.


Ik kan dus nog altijd geen hartje(s) geven, al had ik dat graag gewild!
@Benny: jouw reactie telt voor mij ook als een hartje. Dankjewel. 🙂
Even dacht ik bij de eerste zin, hè, jammer. Tot ik doorlas. Fascinerende stukjes Nele
mooi hoe het verleden terugkomt door een stukje kaas
Mooi gebrachte weemoed van een hecht circus(echt)paar.
(Wordt koffie bij jullie wuvvenbier genoemd, of is het jouw dichterlijke vrijheid?)
@Alice: Marcel en Marie bestaan echt hoewel ze in realiteit een andere naam hebben. Samen zijn ze bijna 180 jaar, ze volgen de politiek en het wereldnieuws op de voet en ze vinden regelmatig nieuwe, grappige woorden uit waardoor ze mij regelmatig in een lachdeuk wringen. (Koffie is bij ons normaal gewoon koffie.)
Dan hou ik het ook gewoon op koffie. Maar jouw troostmachine houd ik erin!