De aanwezigheid van fietsbanden valt vooral op wanneer ze lek zijn. Net zo Hollands als veelvuldig fietsgebruik is het veelvuldig lekrijden. Zo zag ik eind negentiger jaren tijdens een wielerronde in de Westbroekpolder een medecoureur ver voor mij rijden. Hij zou niet winnen, ik evenmin. De kopgroep zat waarschijnlijk achter koffie of bier. Het regende genadeloos. Een felle Noordwester vergrootte de ellende. De man stapte af. Ik naderde. Wij waren allebei doorweekt, tot op het bot verkild. Hij probeerde zijn lekke voorband te wisselen. Die poging mislukte. Voor ik kon helpen, smeet hij fiets en reserveband met een woedende kreet in de vaart naast de dijk. In mijn rit naar de stempelpost leek de hemel zich nog meer te ontladen.

Leuk. Wel een beetje een open einde. Heb jij (of de ik-figuur) wel de finish gehaald?
Ik ben kampioen in fietsen met zachte banden. Elke hobbel doet pijn, maar banden oppompen? Ho maar.
Beste lousjekoousje,
Finish? Ongetwijfeld!
En de fietsengooier? Dat weet ik niet meer. Ik lag lang in een heet ligbad bij te komen.
Fietsen met erg slappe banden is duur. Niet alleen voel je elke richel en bobbel, maar je binnenband of je tube slijten extra snel. Bovendien kost het op de lange afstand meer energie.
Alleen bij hoogzomer en bij hoge temperaturen zou ik de banden van een gewone fiets niet knalhard oppompen, aangezien lucht bij grote hitte uitzet. ’s Winters schijnt het te helpen als je iets lucht uit de band laat, zodat het loopvlak van de band breder wordt. Dat schijnt slippen te voorkomen, gelooft men.
Met vriendelijke groet,
Chris
Dag Chris,
Ik sta met een groot spandoek juichend langs de kant.
De combinatie van titel en inhoud (en daarmee de betaalde prijs, de afrekening) vind ik subliem.
Je maakt zo geen reclame voor de edele wielersport, tenzij iemand masochistische neigingen heeft. 😉
Maar afgezien daarvan ga ik Han gezelschap houden. Kunnen we bij die Noordwester elk een stok vasthouden. Anders gaat het ook met dat spandoek helemaal fout …
Beste Han,
Gelukkig ben ik erg gevoelig voor bijval, dus dat spandoek kan er altijd bij.
Bedankt voor je reactie,
Chris
Beste Hay,
Ik heb gisteren de voorjaarsklassieker Gent Wevelgem gevolgd; 240 kilometer storm tegen plus vrijwel constant bakken regen.
En er dan toch nog een eindspurt uitpersen. Sport of masochisme? Die lijn is dunner dan je denkt.
Ook daar werd veel lek gereden. Maar ja, voor Nikki Terpstra staat meteen een volgauto met een nieuwe fiets klaar.
Met vriendelijke groet,
Chris
Dit vind ik een mooi stuk. Op dit moment komt vooral het beeld van eind negentiger jaren naar voren.
Op het GLU met een Osdorp Posse trui aan.
Krijg nou wat…..ik draag hem nu nog.
Ook een spandoek van mijn kant. 😉
Beste Hadeke,
Het wordt druk in de berm. Dat mag ik wel!
Bedankt voor je reactie,
Chris
Beste VmetdeVork,
Truien doen het bij mij ook. Vlak voor ik in het najaar van 1966 in miltaire dienst ging, kreeg ik van mijn moeder een zelfgebreide trui. Die heb ik nog. In de loop der jaren heeft hij ook een tijd in de kattenmand gelegen. Maar onlangs gerestaureerd, en hij draagt nog lekker weg.
Bedankt voor je reactie,
Chris
@Chris. Ik doe niet aan spandoeken, maar geef je een hart. Nadat ik vorig jaar tijdens vakantie in Duitsland met mijn MTB (compleet buiten adem) een heuveltje bedwong van 30%, is mijn respect voor de door jou geschetste renners alleen nog maar gegroeid.
Charivarius en het stroompje.
De ruize-rijmen:
Een schitterend gedicht.
In de vierde regel heb je al een pauze of juist een versnelling:
“Zo zegt men bal – ballen, maar, ach! niet dal – dallen.”
Hier zou je bij een voordracht dus of veel sneller maar misschien mooier; het even uit een moeten zetten.
Regel negen kun je in de maat voordragen.
Zelf vind ik dat de clou wordt gemist.
Ik denk dat vaak de lezer van een vers bepaalt of het een bolderkar of een stroompje is.
Draagt iemand het voor, dan hoor je de bedoelding van een vers.
En stel je voor dat iedereen ABN zou praten.
Leve het dialect:
https://www.youtube.com/watch?v=tqF1MUrk66I
Joost van johanne van Toontjes van ’t sluske.
Bedankt voor je donderpreek, Chris. Ik ga weer als een malle. Met wind mee dan.
Lekkere sfeerschets, Chris. <3
Beste Kiko,
Bedankt voor je aardige reactie,
Chris
Beste 120w.ml-ers,
Van harte bedankt!
Chris
Dag Chris,
Als eerste over de meet 🙂 Top!
Gefeliciteerd Chris!
Gefeliciteerd 🙂
Proficiat, Chris. Mooie demarrage en verdiend op de hoogste trede van het erepodium. Nu nog een smakkerd van die hupse rondemissen. 😉
Gefeliciteerd Chris !
@Chris, de bandenkoning.:) Van harte.
Kusje van zo’n wielermeisje.
Wel gefeliciteerd Broeder Vencentius.
@Chris, gefeliciteerd met dit mooie, winnende verhaal. Met veel plezier gekezem.
Hartelijk gefeliciteerd.
van harte Chris!
Beste Allemaal ( en vooral; bovenstaanden),
Bedankt!
Chris
Wielergenot
Nog maar eentje dan, ter afsluiting. Mijn neef Allard uit Amersfoort was eind vijftiger jaren een redelijk coureur. Hij fietste bij wielerclub ‘De Pedaalridders’. Herhaaldelijk kwam hij thuis met een overheerlijke vleeschotel van de plaatselijke slager, of een andere tweede of derde prijs. Fietsen leverde altijd wel wat op. op een zaterdag reed hij in een koers langs het Ijsselmeer. Na Nijkerk en met een Noordooster pal van voren zag Allard tweekoplopers voor zich. Normaal zouden de twee om beurten kop nemen, om ter hoogte van de finish via een sprint de zaak te beslechten.
Een van de twee was echter een wieltjesplakker en liet de ander constant kop rijden. Uiteindelijk nam geen van beide kop. Aan de gebaren was te zien dat de meningen hoog opliepen. Men stapte af, klikte de fietspompen en deelde rake meppen uit. Allard passeerde de twee, op weg naar een onbetwiste zege.