Ik ben gaan googelen, want vraag je aan tien mensen wat een ‘percolator’ is, je krijgt tien verschillende antwoorden. Eentje op die afbeeldingen kwam me bekend voor: toen ik mijn legerdienst deed, hadden we er eentje in het stafgebouw. Synoniem van barslechte koffie, geserveerd door een dienstplichtige die op zondagmorgen zijn oor tegen de radio legde. ‘Ik zie zo gere mijn duivenkot’ was het signaal voor de openbaring. Gino werd voor heel even een andere man: de schuchtere, rossige boerenjongen werd een gepassioneerd verteller. De kamer werd muisstil en hing haast letterlijk aan zijn lippen. ‘Quiévrain, bewolkt, wachten. Saint-Quentin, 7 graden, matige oostenwind, er wordt gelost vanaf 8 uur.’ Dat wilde Gino horen, alvorens hij terug naar zijn percolator slofte.


Een hartje voor het terugbrengen van de duivenberichtgeving. Ik hoor ze door de krakende lampenradio op de plank aan de muur in de boerderij van mijn grootouders, mijn oom die ons kordaat stilte gebood. De koffie die werd opgegoten door een buil met water dat in de moor op de Leuvense stoof aan de kook was gebracht. Zelfs de koffie kan ik ruiken.
@Hilde Cornelis: jeugdsentiment, inderdaad. Of zoals de oudjes soms zeggen: vooruitgang is niet altijd een verbetering.
de duiven komen terug!