De zon brandt. Ik draag drie tweeliterkannen sangria.
Binnen pingt de keukenbel. Het eten voor tafel 4b! Ik moet snel zijn nu. De vrouw aan tafel 3a wuift weer naar mij met haar camera, haar gezicht is roodverbrand.
‘Kom zo bij u, mevrouw!’
De keukenbel pingt weer. Ik ren en pak de vier borden. Ik ben te laat. De borden, nu bloedheet van de warmhoudlamp, branden rood in mijn onderarm.
Ik breng uit naar 4b. Mevrouw 3a grijpt mijn arm. De borden wankelen vervaarlijk.
De chef kijkt mijn kant op.
‘Sorry, mevrouw’ daar is de chef.
‘Ach, maakt ú dan even een fotootje? dit meisje heeft blijkbaar geen tijd voor ons …’
En ja, ik sta er alweer mooi op.


<3
Leuk – je had wat mij betreft ook nog poezie kunnen selecteren.