De vrouw zit voor het raam, zoals ze altijd zat in haar onvermogen te lopen. Haar hoofd is gebogen, alsof ze het kopje in haar hand bestudeert. Ooit zat er thee in het kopje, ziet rechercheur Van Cuijck: het zakje ligt er nog naast, uitgedroogd. Net als de huid van de vrouw: kwetsbaar, geplooid en perkamentachtig.
Aan de verdorde bloemen op het aanrecht te zien, was ze net jarig geweest. De felicitatiekaartjes zaten nog aan het plastic. Een schaar ligt ernaast.
Hij leest een naam af van het kaartje dat nog aan de kamerplant zit, die naast het kopje staat. Een Dieffenbachia. De bladeren zijn ingeknipt. De zwaartekracht heeft de rest gedaan.
“Arresteer Lodewijk Heeroom voor moord,” zegt Van Cuijck.


Ojee, is dit dezelfde vrouw als in mijn verhaal?
Mooi, Jack!
Steengoed verhaal in kort bestek! Ik snap allleen de titel (nog) niet goed, als ik lees “uitgedroogd”, “verdord”, “perkament” e,d.
Mooi verhaal, Jack!
@Nel, dat “sappig” slaat op het sap van de Dieffenbachia dat in het kopje is gedrupt, lijkt mij.
Klopt, Marlies. Het is een beetje puzzelen misschien, maar dat hoort bij een detective.
Maar hoe wist de moordenaar dat het kopje onder de plant zou staan?
een mini-thriller die wat mij betreft nog meer hartjes verdient
Bartsnel: “zoals ze altijd zat”
Ik dnap het nu helemaal. Briljant!
dnap> snap