Donar, de god van de donder, is ook bekend als bevechter van ijsreuzen. Hoezeer dit mythische gegeven echt ervaren kan worden, zag ik toen ik mijn eerste gletsjer zag, Nigardsbreen. Dat is een echte ijsreus: groot, gevaarlijk, indrukwekkend, imponerend. Nog in de achttiende eeuw schoof het gevaarte over een boerderij, die daarmee verdween. Had Donar hier verzaakt?
Als lava zoekt ook de gletsjer zijn eigen weg. Een overweldigende natuurkracht is het, die alleen door goden met bovenmenselijke krachten overwonnen kan worden. Mensen kunnen slechts vluchten voor zijn vernietiging.
Thans blijkt Donar aan de winnende hand te zijn. De ijsreuzen slinken, verwijden. Nu doen mensen net of zij zelf de krachten hebben van goden om de ijsreuzen te overwinnen. Grootheidswaanzin! Blasfemie!


Ik heb ‘m in 1977 gezien, tijdens een rondreis door Noorwegen. Toen werd er gezegd dat er een cyclus was en dat om de tien, ytwaalf jaar de gletsj afnam, om later weer toe te nemen.
Met de huidige klimaatomslag is dat moeilijk vol te hoden.
Met vriendelijke groet,
Chris
@Jack, ik word nu wel nieuwsgierig! Ik heb in ieder geval begrepen dat een versperring er niet voor niets staat. Hartelijke groet, Mir.
wij moeten inderdaad niet denken sterker dan de natuur te zijn.
@Jack, ja die goede ouwe Donar lijkt een goed uitgangspunt te zijn voor dit thema.
Het tweede deel van de tweede zin bevat twee keer ‘zag’, dat moet beter kunnen.
Die lava ligt voor de hand, net als bv een rivier. Zulke dingen kunnen lezers ook zelf bedenken.
Als Donar aan de winnende hand is, dan zou er beter ‘Al doen mensen’ kunnen staan.