De onnoemelijke minuten die ik spendeerde in de auto dreven mij elke dag dichter bij de wanhoop. Anderhalf uur voor 25 kilometer. Als een personage in mijn eigen film beleefde ik het dagelijkse pesten van andere auto’s. Zij keken me aan met hun wenkbrauwen, vervloekte me met middelvingers en riepen onhoorbaar naar me. Tot ik plots een duwtje van achter kreeg. ‘Ontslag’ dekt de lading eigenlijk niet. Thuisgezeten in de eenzaamheid van de minuten van de dag, sociaal contact ontberend, nam ik de auto, begaf me op weg naar mijn goede oude vrienden van de baan. In de file keken en riepen we naar elkaar. De verwarming ging op, een muziekje kwam er bij. Behaaglijk begaf ik me op weg.

Recente reacties