Hij zat in de winterschemering op het bankje voor het weeshuis te kijken naar de maan en de sterren die met het donker worden steeds feller begonnen te schijnen. Na een maand in Roemenië was mijn taalkennis nog beperkt tot de standaardzinnetjes. Met een bună seara ging ik naast hem zitten en samen zagen we, in alle stilte, de maan tot volle wasdom komen. Ik voelde hem rillen en een traan liep over zijn wang. Met mijn arm om heen trok ik hem tegen me aan.
We zijn nu negen maanden verder. Samen kijken we ’s zomers naar de vogels en nu naar vallende bladeren. Mijn Roemeens is beter maar zo indrukwekkend als dat eerste ‘gesprek’ wordt het nooit meer.


er zijn niet altijd woorden nodig om te begrijpen
Wat Carel ook al zei …
Geraakt door 120 woorden.
Pakkend.