‘Nee, meneer Cohen.’ ‘Wat doet ie?’ ‘Hij zit de hele dag te frunniken en te friemelen en trekt het tafelkleed van tafel.’ ‘Hij is kleermaker geweest.’ ‘Hoi opa, hoe is het ermee?’ ‘Wie ben jij?’ ‘Nathan.’ ‘Nathan? Ik ben Nathan.’ ‘Ik ben uw kleinzoon, van uw zoon Nathan.’ ‘Een zoon? […]

Recente reacties