Er wordt opgewonden gepraat in het dorp. Hij is hier, de Man Zonder Lichaam. Natuurlijk zal hij wel een lichaam hebben. Ik weet hoe dat gaat. Zelf mis ik een stuk van mijn schedeldak. Maar als er over mij verteld wordt, wordt het verhaal steeds grootser. In verre dorpen sta ik bekend als de Vrouw Zonder Hoofd. Ook ik reis rond om tentoongesteld te worden.
Ik mag als eerste de tent in, zonder betalen. Hij wil mij graag zien. In de schemerige tent kijken we elkaar aan.
‘Sorry,’ zeg ik. ‘Het is vervelend om aangestaard te worden.’
‘Meestal wel,’ zegt hij. Hij heeft inderdaad maar een heel klein stuk lichaam. En bijzonder mooie ogen.
‘Soms ook niet,’ vul ik aan.


Prachtig en origineel verhaal, Inge.
(aangestaart > aangestaard)
Dank je!
(oeps, aangepast)
Mooi verhaal, gaat zo verder in de fantasie
@Inge. Apart onderwerp goed beschreven.
Dank Berdien & Han!
Ik bekijk dit stukje, als vanuit een filmscène.
Het zou zo ergens in kunnen passen.
Goed bedacht!
Dankjewel Jessy!