‘Ach man, je kent me toch.’
‘Je moet je legitimeren. Dat zijn nu eenmaal de regels.’
‘Ik had gewoon last van een “Tom Dumoulinnetje”.’
‘Wildplassen mag nu eenmaal niet.’
‘Ik heb niet geplast; ik zei toch al: “Een Tom Dumoulinnetje.”
Hoeveel jaar peddel ik niet heen en weer om de post te bezorgen. Geen roze of gele trui, maar een verschoten oranje jack. Ik word niet geridderd. Sterker nog, ik raak mijn baantje kwijt aan een flexwerker.
Buikkrampen krijg ik ervan. En jij, dienstklopper, maakt het alleen maar erger.’
‘Nu moet je uitkijken, anders krijg je een tweede bekeuring.’
‘O, dan kan een derde er ook nog wel bij. Alsjeblieft, mijn “legitimatie”.’
‘Wat doe je nou…? Gadverdamme, ik ben zeiknat!’


Poep tussen de pedalen. Zo ongeveer het smerigste dat er bestaat. Ja, nog erger dan poep in je haar. Daarom hebben de meeste postbodes nog steeds een pet op.
@Han, begrijpelijke frustratie❤️
@Mien, @ Nancy B. Dank jullie wel!
Hoi Han, prachtig hoe de frustratie wordt verwoord en het ‘gezag’ wordt neergezet! En de titel en het verweer van de postbezorger, bijzonder! <3
Haha… Dat heb je nou van al dat gezeik. Kostelijk!
@Ton, @ Irma. Dank voor jullie leuke reactie.
Gevonden. Gat in de markt. Verwerk een afvoer in de fiets. Via een gat in het zadel. Hol frame, onderaan open laten. Zadel en zadelstang zijn sowieso al warm. Vaste substantie glijdt er dan zo doorheen. Opgelost dat probleem. Doe mij maar een Mienmachine.