‘Hi Sonja, hoestie?’
‘Hoi Debby, gawel meid.’
‘Hoezo gawel?’
‘Nou, niezo eigenlijk.’
‘Wat scheelt er aan wijffie? Toch niks met Erik?’
‘Tisdat je ‘t vraagt, ik hebbet gevoel dattie vreemdgaat.’
‘Heeftie smoezen dan, dattie mot overwerken of zo? Want ik ken de kerels.’
‘Ja, gisteravond moestie ineens naar Nijmegen, was voor een grote order zeidie. ’s Avonds rooktie naar parfum en zag er lodderig uit. Ik willem nog steeds geloven, maar brengut niet meer op.’
‘Deb, fijn dat je effe naar me luisteren wil, je bent mijn beste vriendin.’
‘Tuurlijk wijffie, wij kunnen elkaar vertrouwen, ik moet nu gaan hangen.’
‘Hoi Erik, met Deb.’
‘Hi lieffie’
‘Sonja wordt wantrouwig. Ze denkt dat je vreemdgaat en neemt juist mij in vertrouwen.’


Het zou zo waar kunnen zijn.
Geestig, José. Ik zie er nog een paar. niet zo – niezo, dat hij – dattie, moest hij – moestie, wil hem – willem.
Vreemd gaat moet vreemdgaat zijn, dat hóórt aan elkaar.
dank, ik heb de tekst aangepast en nog iets vileiner gemaakt
@José: kijk nog even naar s’Avonds.
Dank Levja, nog even verbeterd.
@José. Leuk bedacht en geschreven!
Heel leuk, José. Van je vriend(inn)en moet je het maar hebben.
@Leuk, José. Herkenbaar. Daarom dat ik maar een paar vrienden heb. Vrienden moeten bij mij namelijk voldoen aan een aantal betrouwbaarheidseisen.
Helemaal mee eens met bovenstaande reacties, wat kan je je toch vergissen in medemensen! Mooi weergegeven in dit taalgebruik.
Bijpraatjes vullen gaatjes.
Wie kan je vertrouwen? Knap geschreven. Humor vermengd met ernst.
In iedere provincie kan dit plaatsvinden. Mooi taalgebruik. Doorgeeftaal. 🙂
dank voor de reacties