Omdat iedereen was vergeten waar het over ging, hielden ze allemaal op met praten. Voor een ingehouden moment, keken ze allemaal om naar elkaar, en wat de meesten opviel, was dat ze een behoorlijk raar bijeengeraapt zooitje waren. Een eerste grinnik van iemand werd met een halve slik onderdrukt, kijkend naar het bizarre kapsel van zijn naaste op de bank. Het brak de stilte nog niet. Nochtans werd de ingeslikte giechel al gauw opgevolgd door een beknepen geschater om een rafelige sok die iemand als handschoen gebruikte. Maar het merendeel van de mensen behield een serene, zaligmakende stilte. Niet de woorden, maar beelden en gedachten zweefden tussen hen in, als een vorm van doofstomme telepathie.
Zelden was ik zo gelukkig.

Bijzondere tekst.De titel helpt me waar dit speelt.Mooi weer gegeven de busreis.Waarschijnlijk een typo beknepen geschater: benepen.
Je neemt me helemaal mee.
Mooi 🙂