Ze geeft de junk een appel, maar hij weigert.
‘Er gaat alleen maar drank en ander gif in, mevrouwtje. Wilt u een tasje? Gratis hoor, niks vijf cent. Flauwekul!’
‘Triest,’ zegt de vrouw.
‘Triest? Weet u wat triest is? Als voor de zoveelste keer mijn ruiten uit mijn busje liggen, mijn spullen gejat zijn. Kan ik weer naar de garage, kost me een halve dag. Als de verzekering moeilijk doet, niet meer uitkeert. Als ik de prijzen daardoor moet verhogen, waardoor de klanten gaan klagen. En dat allemaal door zo’n klotejunk. Niks triest, hij douwt toch vrijwillig die rotzooi in zijn strot?’
‘Gratis? Triest. Ik kan u aangeven. Weet u hoe schadelijk plastic is? Ik heb een tas bij me.’


Han, een mooi voorbeeld van de dubbele moraal van (veel) middenstanders.
Ewald, en de klant niet te vergeten.
Dat is ook zeker waar.
Liever met elkaar dan tegen elkaar nietwaar?
Dat schets je hier goed.
Beter mee verlegen dan om verlegen. Kan ook.
@Mien. Zo is dat!
Alsof ik naast de drie mensen sta.
Dat langs elkaar heen praten is ook zo herkenbaar, helaas.
@Alice. Dank je hartelijk! Fijn dat het bedoelde duidelijk is.
Een geval van ieder spreekt naar eigen geweten? Ik zie het gebeuren voor me.
Lekker langs elkaar heen inderdaad. Eerlijk gezegd dacht ik eerst dat de eerste gesproken zin de junk was, dus begreep ik er verder niks van. Maar dat was mijn suffigheid denk ik.
@Levja. Precies. @Inge. Ik hoop dat even later duidelijk wordt dat het bv. een marktkoopman is
Mooi! Uit het leven gegrepen.
Ja hoor Han, het was me bij tweede lezing duidelijk. Dat maakte het verhaal een stuk logischer 🙂
@Inge. Prima!
sterke dialoog over het hoofd van de junk heen