Zelfs hun moeder trapte erin als ze bijvoorbeeld hun bekers met Paul en Peter omwisselden.
‘Ik had een van jullie moeten aborteren,’ riep ze als de ADHD-tweeling haar tot wanhoop dreef.
De juffrouw maakten ze woedend door van stoeltje te wisselen als ze wat geflikt hadden.
‘Paul! Honderd regels strafwerk.’
‘Ik ben Peter,’ zei Peter dan (of Paul).
‘Peter, jij dan honderd strafregels.’
‘Grapje, ik ben Paul!’
‘Allebei honderd strafregels!’
Peter en Paul; het gen maakte het onderscheid. Paul wel en Peter niet. Onmogelijk was mogelijk. Het voelde als een amputatie, voor hun moeder als een abortus.
Peter kijkt naar oude foto’s en ziet zichzelf ongeacht of hij het is.
De helft van een tweeling is minder dan een eenling.


Voelbaar
@Levja. Het lijkt me zo vreemd de helft van een tweeling te zijn. Ik scheel 19 maanden met mijn zuster, soms denkt men dat we een tweeling zijn.
Han, de laatste alinea maakt het tot een behoorlijk heftig stukje.
Mijn beste vriend is de helft van een tweeling. Hij en zijn broer botsen vaak en proberen elkaar voortdurend te overtroeven. Toch kunnen beiden zich niet voorstellen alleen over te blijven. Het schijnt dat de band al in de baarmoeder ontstaat.
Ewald, zo fascinerend!
Mooie laatste zin, Han.
@Inge. Dank je!
Prachtig stukje Han. De alliteratie Paul en Peter werkt aanstekelijk. En eens met Inge. Mooie eindzin. Volgens mij werkt het stukje wel sterker in o.t.t.
@Mien. Dank je. Ik heb daarover nagedacht. Toch heb ik voor beschouwend gekozen: een man, een volwassene, die naar oude foto’s kijkt… dat dan in de o.t.t.
Mooi en beetje under my skin. Heb een oom Paul en had een oom Peter. Tweelingbroers.
@H2O. Dank je. Dat is toch ook wat! Ik hoop niet dat je het naar vindt.
No worries Han. Het was alleen heel raar.
Maar ja, mijn grootouders gaven als goed katholiek al hun zonen een apostelnaam. Kwamen tot Andreas. 🙂
Zo kan het gaan met tweelingen. Heb weleens gehoord dat de één voor de ander examens maakte!
De laatste zin komt diep emotioneel op mij over, mooi!
@ Marie. Wederom hartelijk dank!