‘Waar zit jij met je gedachten?’ vraagt ze.
‘Vroeger visten en zwommen we hier,’ zeg ik. ‘De zomers waren altijd mooi.’
‘Vroeger regende het ook.’
‘Die wolk lijkt op een olifant, zie je dat?’
‘Nee.’
‘Als de zon zo heet is, hoe kan er dan nog een wolk zijn?’
‘Weet ik veel. Ik lig hier lekker; dat weet ik!’
‘Als die rots, de zee, wij, de aarde en zelfs het heelal er niet zouden zijn, wat was er dan? Wist je dat sterren die je ’s nachts ziet vaak niet meer bestaan?’
‘Nee, ’s nachts slaap ik. En ik besta, want ik heb honger en mijn schouders verbranden. Smeer jij me even in? En haal je daarna wat te eten?’


Brr…. Weinig levenslust meer te bekennen. Mijn <3 om onder de riem te steken!
Levja, daarom heet het ook ‘Niets’
@Han, mooi tweeluikje
@Lisette. Dank je wel!
lekkere lome conversatie over de grote vragen des levens
@José. Hartelijk dank voor je reactie; ook op deel 1
De een filosofeert, de ander denkt alleen aan het nu. Mooi beschreven, Han. <3