‘Maak het toch alsjeblieft goed met mama, Suzanne. Voordat het te laat is.’
‘Marianne, er is te veel gebeurd of ook weer niet. Jou heeft ze altijd geholpen. Maar mij…?’
‘Dat is niet waar, Suzanne. Je weet net zo goed als ik dat jij altijd werd voorgetrokken…’
‘Hou toch op! Jij kreeg alles wat je hartje begeerde, Marianne. Het ga je goed.
‘Mam? Wat doe jij hier, heeft Marianne je gestuurd?’
‘Ach Suzanne, je weet hoe ze is. Jij en ik hadden een akkefietje… Nou en. Die bemoeizucht van haar. En altijd vindt ze dat ze achtergesteld wordt. Voorlopig hoef ik haar niet meer te zien. Hoe is het met je, meid? Alles goed?’
‘Fijn je weer te zien, mam!’


Werk aan de winkel voor Bert van Leeuwen, lijkt mij: ‘Het Familiediner’.
Dit vraagt om een vervolg, Han!
@Ewald. Nou…! Ik wilde een stukje over het familiediner schrijven! En dan over die EO-glimlach van Bertje.
Ai! Toch niet het gras voor je voeten weggemaaid, hoop ik? Je moet maar denken, Han, je hebt exact de juiste toon en de sfeer getroffen, dus gewoon doen wat je van plan was!
Ewald, ik ga erover nadenken!
En dan het gesprek afsluiten met een twee luchtkussen. Een natte zoen is in dit gezelschap niet gepast. Wat een ge(s)lijm. Toch een hartje voor de aflaat. 😉
mooi, hoe je dat achtergestelde gevoel een draai weet te geven.