De kleine Jonas ligt in het veel te grote ziekenhuisbed met een infuus in zijn arm. Zijn ouders kijken zwijgend naar zijn bleke gezicht.
In de verte klinken de tonen van trompetten en het geroffel van trommels. De moeder verstijft. Daar gaan ze weer, de muzikanten, de gangen door, de zalen langs. Ze weet dat hier en daar een doodzieke patiënt opstaat en ze volgt.
De fanfare komt dichterbij. De moeder grijpt de hand van haar man. Niet hierheen! Steeds luider klinkt de muziek. Jonas klimt over de rand van het bed.
‘Jonas! Nee! Niet gaan!’ roept de moeder.
Maar Jonas holt weg, met de muziek mee.
Ontsteld en met grote droefenis slaan zijn ouders de armen om elkaar heen.


Wat een prachtig en droevig stukje, Marlies!
Mooie symboliek.
<3
Dank je, Nel.
Beste Marlies,
Een mooie variatie op de Rattenvanger van Hameln!
Je hebt het perspectief van de groep kinderen in Hameln verlegd naar een enkel en ook nog ziek kind, zonder in sentimentaliteit te vervallen.
Met vriendelijke groet plus hartje,
Chris
Dank je, Chris.
Grappig, de Rattenvanger van Hameln was geen moment in mijn gedachten, in ieder geval niet bewust. Maar wie weet, wellicht wel in mijn onderbewuste. Daar gebeurt veel zonder dat we het ‘weten’.
Wow, wat een indringend stukje. Kippenvel…
Aangrijpend en troostend tegelijk…
Dank jullie, Irma en Odile.
Bijzonder stukje. Een ziek jongetje dat achter zijn eigen dodenmars aanholt. En de ouders hebben hem nog zo gewaarschuwd. De onschuld van een kind. Knap. Heel knap geschreven.
Zuster Vaz Nunes,
Hoe die fanfare eruit ziet, verklap ik niet. Mooi verhaal!
@Mien – dank je. Ja, iemand die achter zijn eigen dodenmars aan wil is nu eenmaal niet tegen te houden. Konden we dat maar…
@Broeder Vork – dank je wel.
Een bijzonder verhaaltje.
Mooi, integer, indringend, voor mij nu al een weekwinnaar waardig
Pfoe Marlies, wat een mooie metafoor. Wat een treurigheid in 120 woorden. Maar door de muziek en het hollen heeft het toch iets opbeurends. <3
Op de valreep nog een welgemeend hartje voor een verhaaltje van trieste schoonheid.
Dank jullie wel, tja, anoniem, Inge en ewald!
De “anoniem’ hierboven ben ik, natuurlijk! 😉