Hij was aan het eind van de krib gaan zitten. Het hoofd in de wind om zijn gedachten los te laten. Hij had zelfs geen oog voor de schippers die langs voeren. Normaal gesproken zwaaide hij naar ze, als hij hier zat. De schippers zwaaiden altijd terug. Het leven aan de rivier was zoet.
Hij zoog de geur van het water op, waardoor zijn zorgen verdunden en ten slotte oplosten. Nog even bleef hij zitten om bij te komen en zag langzaam maar zeker de schepen weer voorbijgaan over de rivier. Een schipper groette hem.
Met zijn armen wijd, om in balans te blijven op de basaltblokken, liep hij voorzichtig terug naar het begin van de krib en naar huis.


@Mas papo, het gaat mij te snel in 120w. In de 1e alinea heeft hp geen oog voor het zoete riviergebeuren en in de 2e alinea op het eind weer wel. Het voelt voor mij haaks op elkaar staan. Wel vind ik dat je je prachtig hebt verwoord. Hartje dus.
Dag mas papo,
Ja mooi, alhoewel ik drie keer zwaaien wat veel vind in 120 woorden.
Sfeervol stukje, al ben ik het met Hans opmerking over de zwaaifrequentie wel eens.
Tenslotte moet in deze betekenis wel ten slotte zijn.
Een fijn, rustgevend stukje met veel sfeer, @mas papo
Ik word er blij van. <3
Wat een mooi stukje en heel fijn geschreven!
@Mili dank. Soms moet het snel, het zijn maar 120 woorden. Het is overigens een samenvatting van een deel van een hoofdstuk uit een groter geheel.
@HanKnols @Hay dankje. Ik heb getracht één keer zwaaien te wijzigen. Weet niet of dit zo beter is, maar inderdaad is driemaal wellicht iets te veel.
@Irma dankje.
@Nel dank je.
kwam hij daar om te mediteren of ook om iets te doen?
@José hij was bedroefd. Door wat alles en iedereen hem heeft aangedaan. Een triest man, maar na het zitten op de krib voelt hij zich altijd beter.