Men sprak mijn naam
en licht verdwaasd aanschouwde ik hen
De menigte die ooit mij honend tot de vlakte sprak
wilde mijn aandacht
Ik zou glimlachen als ik dat nog kon
maar verdriet en afschuw hebben mijn gezicht
afgevlakt tot platgespoten emotieloos geheel
Nu zie ik hen
met zo velen zijn zij
en ik, slechts eenzame toeschouwer,
begrijp weinig van hun woorden
Langzaam open ik mijn lippen
omdat ik verwacht dat zij mijn stem verwachten
Maar de eerste klanken stoten al
op mijn opeengeklemde kaken
Ik zie niet in waarom ik moet geven
Dat wat zij mij wilde afpakken
Enkel en alleen
omdat hun mening
ook niet de juiste bleek te zijn


Recente reacties