De een noemde hem een zwerver, de ander landloper. Iedereen mocht hem, behalve de brommende dienstklopper met die snor. Bij elk geveinsd vergrijp wachtte hij in het veld om de landloper met een hooiberg als vaste verblijfplaats in ‘het gevang’ te gooien. Tenminste, als hij de goedhartige man te pakken kreeg: ‘Ik krijg je nog wel, mannetje!’
Voor hem was het bezoek van de landloper aan de huishoudster van de ‘edelachtbare’ burgemeester voor een ‘kopjen koffie’ met een ‘koekjen’, of aan zijn beste ‘malle’ vriend voor een bolknak, niets anders dan klaploperij. Ja, een bloemetje voor de goedgemutste huishoudster nam hij mee, maar dat plukte hij uit haar eigen bloembak, naast de tuinkabouter.
Hij zwierf de tijd, mijn generatie uit.


Mooi Han. Begin jaren tachtig is de serie nog herhaald, maar wie jonger dan veertig is, heeft waarschijnlijk geen flauw idee waar je het over hebt.
Ewald, dank je. Ja, dat denk ik ook, maar aan hen zal het niet besteed zijn.
En ik … Ik noemde hem Swiebertje. Ik vond het destijds reuze interessant dat het zowel zijn voor- als achternaam was. Altijd met plezier ernaar gekeken.
Ik kan me niet herinneren of er een tuinkabouter stond naast de bloembak. Dat doet er ook helemaal niet toe. Wel weet ik dat hij de bloemen uit de tuin plukte van de burgemeester voor Saartje.
Gezellig verhaaltje, Han.
Levja. De tuinkabouter heb ik met terugwerkende kracht naast de bloembak gezet, waaruit Swiebertje bloemen plukte. Swiebertje was mijn favoriet, meer dan Pipo.
Zowel Pipo als Swiebertje heb ik altijd graag gekeken. Mooi tijdsbeeld. Ik geloof niet dat een herhaling nu nog jonge kijkers zou trekken. Grt.
Luc. Ik denk het ook niet, alles moet snel, geen oog meer voor detail, zoals het decor.
Mooi! Televisie zonder beeld, de sfeer meteen te pakken.
Alice, dank je wel.
Inderdaad net voor mijn tijd.
Bromsnor
Jaap Dodenwerth ofzo.
Joop Doderer was Swiebertje.
Juist, ja…