Ik schud de beker en hoor de stenen rammelen. Sommige mensen spreken de teerlingen toe voor hun worp, maar ik denk niet dat ze onder de indruk zouden zijn van mijn op alcoholdamp gedragen woorden. Met kracht en gevoel voor dramatiek draai ik de beker met een zwaai richting de bar. Kort stuiteren de stenen onder de beker na.
“Hoger,” zeg ik plichtmatig en met meer zekerheid dan logisch is. Kleine kans natuurlijk. Als het er niet ligt is de avond klaar: blut. Door de donkere, regenachtige nacht naar huis. Geen stiekeme glimlachjes meer naar het meisje achter de bar. Een week wachten tot mijn uitkering weer binnenkomt.
Hans lift de beker zonder na te denken. 21! “Rondje van mij!”

Recente reacties