‘Excuses, ik dacht dat ik het had gescand. Dat moet dan de piep van dat apparaat naast me zijn geweest.’
‘Op dit zakje zit geen barcode, meneer. U moet voor losse bakkersproducten op deze knop drukken. Kijk…’
‘Ja, nu zie ik het. Het is ook zo ingewikkeld. Liever ga ik naar de kassa, maar er staat zo’n lange rij, ik moet zo met mijn vrouw naar het ziekenhuis. Maar ik zal die pistoletjes betalen, hoor.’
‘Ik pak nog even twee broodjes erbij voor u, die zijn gratis deze week.’
‘Fijn, wat aardig, dank je wel.’
‘Het beste met uw vrouw.’
‘Wat bleef je lang weg.’
‘Druk.’
‘Hè, verdikkeme.’
‘Wat?’
‘Waar is de biefstuk?’
‘O, die zit nog in m’n binnenzak.’


Haastige spoed…
‘Gelukkig’ heeft ‘De Kleine’ hier geen zelfscankassa’s. En niet SUPER lange rijen. Maar ik ben ook wel geduldig over het algemeen. Niet als ik naar het ziekenhuis moet ofzo.
Lousjekoesje. Helaas, je ziet de clou niet. Komt die biefstuk zomaar in zijn binnenzak?
HEt stuk doet me denken aan het volgende: De oudere dame voor mij in de rij van de kassa, hield haar boodschappenmandje zodanig dat ik het pakje boter eronder duidelijk zag. In dubio, wat te doen?
Ik heb er niets van gezegd en het oudje buiten nagekeken, natuurlijk pakte ze het pakje boter mee. Of het nu sport was of bittere noodzaak zal ik nooit weten, ik voelde me wel ongemakkelijk.
Oh… Nou, het had net zo goed per ongeluk vergeten kunnen zijn.
Lousjekoesje. Kijk eens naar de titel. En wie doet er nu biefstuk in zijn binnenzak?!
Luc. Ja, zeer herkenbaar, dit ongemakkelijke gevoel.
@Han: leuk verhaal, onnozel doen, maar intussen…
Lisette. Hartelijk dank. Ja, houd ze in de gaten…