Midden op het terras zit een jonge vrouw die gezien mag worden, is haar overtuiging, die zich niet beperkt tot haar human design: ook haar hond – nou ja, hond – is van haar ras en tas met zijn of haar kleding met luipaarddecoratie.
Het geheel is gespiegeld in haar zonnebril, waardoor je haar ogen niet ziet waarmee ze naar de buitenwereld kijkt door haar kunstwimpers – mijn aanname kun je nauwelijks een gok noemen.
‘Wat?’ vraagt ze als ik haar wijs op de punt van een extensie die als verlengstuk van haar bubbelende existentie in haar latte hangt, waarbij ze haar zonnebril naar het begin van haar echte haar schuift, waardoor ik nu bevestigend, duidelijk de aan haar oogleden bevestigde tochtborstels zie.


@Han: en? Nog wat botox-sporen ontdekt?
Lisette. Haha, alleen bij die hond.