Zijn het geen hart en longen, is het wel weer iets anders waarmee ze de heer Vreeswijk op woensdagochtend organisch lastigvallen in de courant: vette lever.
Hij drinkt hooguit een glaasje boerenjongens met zijn nicht Alida en de alcohol uit de rode wijn bij de stoofpeertjes verdampt. Maar het gaat om het buikvet. Snel pakt hij de centimeter uit de naaidoos van moeder en meet… 110 centimeter! Dat mag een ietsje minder zijn. Dus bij de andijvie geen spekjes en buikspek in de erwtensoep kan hij wel op zijn buik schrijven.
‘Goedemorgen, heer Vreeswijk. Half pondje half-om-halfgehakt doen voor de woensdag?’
‘Neen, doet u maar magere rundergehakt, slager. En beleg…’
‘Ik heb vandaag sappige gelardeerde lever. Tweede ons halve prijs.’


Vers van de pers, ik was toevallig online.
Ja, het is een goed idee om een beetje op de lijn te letten.
Ik mag mezelf wel spekjes veroorloven.
-Ik weet niet zeker of ‘stoofpeertjes verdampt’ klopt.
Lousjekoesje. Ik kan alles eten en drinken en kom nooit aan.
Nee, stoofpeertjes verdampt niet, de alcohol. De alcohol is onderwerp.
Ik zag het voorbij komen bij het journaal, oorzaak, gevolg. De druk op de zorg wordt alsmaar groter, daar moet beslist geld bij. AI kan hier veel betekenen, maar sommige gebieden blijft toch mensenwerk.
Je zou bijna niet meer buiten durven, elke dag weer wat wat beter moet, kan, enz.