‘En dan klagen ze dat alle dagen hetzelfde zijn. Nou, hoe mooi wil je het hebben? Heb je daar alvast geen omkijken naar. Wat een wereld. Als ik het kon, keek ik de hele dag over mijn schouder. Maar die nek hè.’
Demonstratief zet de man zijn glaasje op de bar.
‘Zou je dat nou wel doen?’ vraagt de kastelein.
‘Op één been kun je niet lopen. Vandaar die scootmobiel. Schenk maar in.’
‘Is ie weer gemaakt?’
‘Ja, er zat kortsluiting in, de vonken vlogen eraf toen ze dat waterkanon erop zetten – ja, lach gerust hoor, geen beter vermaak dan leedvermaak. Maar ik begrijp ze wel: dat geteisem…
‘Hoe kwam je in godsnaam bij de snelweg terecht?’
‘Verkeerde afslag genomen.’


Nou, die heeft mooi weer wat meegemaakt op zijn oude dag. Maar dan had de scootmobiel zeker ook geen spiegeltje?
Lousjekoesje. Waarschijnlijk niet.
Deze persoon gaat overduidelijk zijn eigen weg!
Alice, het is maar hoe je het bekijkt.