‘Uit welk jaar is die foto?’
‘1900.’
‘Mooi!’
‘Vind je?’
‘Prachtige paarden.’
‘Werkpaarden, daar houdt de brouwerij wel van. Ik tap me hier een versuffing met zo’n wurgcontract. Die foto moest ik ophangen. Nostalgie verkoopt. Een enkele keer rijden ze nog wel eens rond, als reclame. Weet je hoeveel zo’n fust weegt? Herinner je je nog die ontvoering? Van zijn vrijlating hing hier een foto. Een journalist schrijft er cashend een boek over en de erfgename staat met miljarden op nummer 1 in de Quote 500.
Dit pand valt onder Monumentenzorg, omdat het historisch van algemeen belang is. Maar wie betaalt alles?’
‘Monumentenzorg! Goed dat je het zegt, ik moet nog voor mijn vrouw langs de tandtechnieker – wie betaalt het…?


Representatief voor een praatje aan de toog. Met plezier gelezen. En idd, de kroegbazen met contracten met brouwers zitten lelijk klem.
De monumentale zorg aan het gebit kan wellicht onder ‘representatiekosten’ worden weggeschreven in de boekhouding. Is dat tegenwoordig nog een aftrekpost?
De journalist in kwestie is helaas doodgeschoten. Destijds heb ik het boek uit pure nieuwsgierigheid gelezen. Mondzorg..vroeger was het nog betaalbaar en verzekerd via de ziektekostenverzekering. Ik ken mensen die niet meer gaan omdat het te duur is. Zonde natuurlijk want het kan voor de nodige ongemakken zorgen. En triest natuurlijk.
Contracten met de brouwers, die zijn al langer een doorn in het oog.
Akice, dank je wel. Ik heb geen idee.