Afgelopen voorjaar was ik voor mijn halfjaarlijkse controle in het Oogziekenhuis Rotterdam. Na mij gemeld te hebben bij de balie, werd ik na een kwartier opgeroepen. Een assistente druppelde mijn ogen in. Daarna werd ik verzocht om weer in de wachtkamer plaats te nemen.
Na een tijdje kwam er een jongeman naar me toe met de vraag: ‘U bent mevrouw?’ Automatisch gaf ik mijn naam. Hij zei dat hij iriscopist was, maar stelde zich niet voor. Voortaan zou hij eerst de iris, pupil en het oogwit bekijken. Hoewel ik best verbaasd was, zeker omdat de man een blouse aanhad met alle kleuren van de regenboog, volgde ik hem gedwee.
Al spoedig werd hij door twee bewakingsmensen in de kraag gegrepen.

Als eerste dacht ik aan deze song van Elvis:https://www.youtube.com/watch?v=xAZPBYOekis
Maar … deze is toch ook niet te versmaden:https://www.youtube.com/watch?v=YRglhaeokqQ
En zo zijn er ook ’tandartsen’ die jarenlang boren en gaten vullen zonder daarvoor ooit gestudeerd te hebben. Grt
Luc, er lopen veel kwibussen rond op deze planeet!
Levja, jammer dat je dit meer vertelt dan laat gebeuren in bijvoorbeeld een dialoog. ‘Werd ik na een kwartier opgeroepen’, ‘Daarna werd ik verzocht…’
Bovendien begin je in de o.v.t. en daarna ga je verder in de o.t.t. om weer in de o.v.t. verder te gaan.
De clou, ondanks de mooie liedjes, ontgaat me.
Mee eens, dat het weinig show, don’t tell is, Han. Nu wel alles in de o.v.t. gezet.
De warmte speelt me parten.
Overigens is het een waargebeurd verhaal. Alleen stelde de jongeman zich niet voor als iriscopist. Hij is een bekende in het oogziekenhuis en ook bij de politie.
Heeft wanen dat hij oogarts is. Ik meende het in de titel prijs te geven.
Ik ga kijken of ik zin heb om het een andere vorm te geven.
Levja, ja het is ‘een beetje’ warm. Ik zou het hele stuk in de o.t.t. zetten. In ieder geval vanaf ‘na een tijdje’.
Han, voor iedereen is warm of koud heel persoonlijk. Dat vind ik ook met o.t.t. en o.v.t.. Soms vind ik in de verleden tijd heel rustig lezen. Op de meeste schrijfsites gaat de voorkeur uit naar o.t.t.. Ik ben het daar niet altijd mee eens, maar gelukkig kan iedereen daar zelf over oordelen.
Ik had eerst het laatste stuk in de tegenwoordige tijd staan. Vandaar die wonderlijke overgang steeds. Nogmaals, ik zie wel wat ik met dit stukje doe.
Om maar eens een cliché erin te gooien … Lekker belangrijk.
Levja. Het is maar een warm aanbevolen suggestie. Ik ben het er ook niet altijd mee eens.
Han, het staat je vrij om suggesties te doen. Altijd welkom.
Levja. Het zal wel heel veel toeval zijn, maar vroeger stond er op de kruising Scheldestraat-Churchilllaan in Amsterdam in het spitstuur vaak een figuur zogenaamd het verkeer ’te regeken,’ zodat alles enorm vastliep en de politie erbij gehaald moest worden. Wat ik me herinner droeg hij altijd een oorlogshelm en een soort boerenkiel in allerlei schreeuwende kleuren. Maar misschien is jouw behulpzame jongeman een reïncarnatie of een trouwe volgeling van die ander.
Cesar, het blijkt meer voor te komen. In allerlei vormen. Identiteitswanen wordt het volgens mij genoemd. Het is een raadsel hoe hij steeds ongemerkt het Oogziekenguis Rotterdam binnenkomt.
Dit stukje is deels fictie en deels non-fictie. Die jongeman kwam wel naar me toe, maar ik ben niet met hem meegegaan, maar naar de balie gelopen. Vooral vanwege die felle kleuren van zijn blouse.
Het hele stukje rammelt. Ik zie wel of ik het ga aanpassen.
Rammelend stukje of niet, ik krijg beeld van de situatie. En ik lees er van op dat dit echt gebeurt! Dan zijn de patiënten bij de oogarts, na het druppelen van de ogen, wel een makkelijke prooi… Dat heeft die man wel goed bekeken (voor zover je daarvan kunt spreken in dit geval)
Dag Alice, net wat jij schrijft, het kan rare en zelfs gevaarlijke situaties opleveren. Deze man heeft een zieke geest en dat kan alle kanten uitgaan.
Inderdaad zie je wazig met oogdruppels in, zijn felgekleurde blouse deed mij twijfelen en naar de balie gaan. Zij drukte op de alarmbel en zo kon hij worden opgepakt. Ik denk dat als hij een witte jas aan had gehad, ik wel was meegegaan.
Voor het schrijfthema heb ik aangegeven dat hij zich voorstelde als iriscopist, maar hij zei dat hij de nieuwe oogarts was.
Gelukkig ben je niet met hem meegelopen, het idee!
(Maar voor schrijvers is het wel een aanlokkelijk begin van een verhaal, er kan lustig op los worden gefantaseerd over wat zou kunnen gebeuren)
Alice, ik ben ook van plan om er een lang(er) verhaal van te maken en het dan nog spannender te maken dan het in werkelijkheid geweest is.
@Levja: leuk. Ooit moest ik me ook laten druppelen bij een oogarts, om vervolgens een half uur te moeten wachten. Ik dacht slim te zijn, en had een lekker boek meegenomen voor die wachttijd…. Helaas had ik geen luisterboek bij me.
Nou, leuk vond ik het toen beslist niet, Lisette. Raar beslist.
Nee, lezen is na het druppelen van de ogen niet prettig. Ik luister altijd naar muziek.
Ik heb het 120 woorden stukje aangepast en ik ben ook bezig met een langer, meer griezelig verhaal. Zie hieronder.
Afgelopen voorjaar was ik voor mijn halfjaarlijkse controle in het Oogziekenhuis Rotterdam. Na de gewoonlijke procedure: melden en vervolgens het druppelen van de ogen, dan wazig wachten totdat de oogarts mij zal oproepen.
‘U bent mevrouw?’
Voor me staat een jongeman. Zijn blouse met regenboogkleuren doet zeer aan mijn ogen.
‘Wie bent u?’
‘Ik ben iriscopist, ik zie direct aan uw iris en oogwit welke onderliggende ziektes u heeft. Wilt u mij maar volgen?’
Aangezien ik vertrouwd ben in dit ziekenhuis, wantrouw ik dit. Ik doe alsof ik hem volg, maar als hij de hoek omgaat, loop ik naar de balie. Ik hoef maar weinig te zeggen, de receptioniste drukt op een bel. Niet veel later wordt de neparts opgepakt.
Levja, zie het volgende bericht voor de aanpassing. Ik heb verder niets veranderd. Het blijft nogal stijfjes, vertellend als een verslag. Het kan sterker, door een dialoog toe te voegen, wijziging van volgorde…
Afgelopen voorjaar was ik voor mijn halfjaarlijkse controle in het Oogziekenhuis Rotterdam. Na mij gemeld te hebben bij de balie, werd ik na een kwartier opgeroepen. Een assistente druppelde mijn ogen in. Daarna werd ik verzocht om weer in de wachtkamer plaats te nemen.
Na een tijdje komt er een jongeman naar me toe met de vraag: ‘U bent mevrouw?’ Automatisch geef ik mijn naam. Hij zegt dat hij iriscopist is, maar stelt zich niet voor. Voortaan zal hij eerst de iris, pupil en het oogwit bekijken. Hoewel ik best verbaasd ben, zeker omdat de man een blouse aanheeft met alle kleuren van de regenboog, volg ik hem gedwee.
Al spoedig wordt hij door twee bewakingsmensen in de kraag gegrepen.
Dank voor de moeite, Han. Toch vind ik het dit ook niet helemaal. Ik neem het mee, ik denk er nog even over, maar misschien laat ik het gewoon erbij.
Soms is iets gewoon niet geschikt voor een 120 woorden verhaal.
Mijn tweede versie vind ik zelf niet eens zo slecht. Ja, het is vertellend, maar dat kan in mijn ogen bij een waargebeurd verhaal. Echter, mijn lange verhaal is veel spannender. Daar laat ik mijn fantasie los.
Dit opzetje misschien?
‘U bent mevrouw?’
Voor mijn halfjaarlijkse controle in het Oogziekenhuis Rotterdam, zijn mijn ogen ingedruppeld. Ik zit in de wachtkamer als een jongeman naar me toe komt. Even denk ik dat het aan mijn ogen ligt, maar tot mijn verbazing heeft de man een blouse aan met alle kleuren van de regenboog. Ik stel me voor, wat hij niet doet.
‘Ik ben iriscopist en zal uw iris, pupil en oogwit bekijken. Wilt u mij volgen?’
Hoewel ik verbaasd ben, sta ik op en volg hem. De vrouw achter de balie schudt haar hoofd en drukt op een knop. Een moment later grijpen twee bewakers hem in de kraag: ‘Wat hadden we nou afgesproken?’
‘Laat me los, jullie kreukelen m’n blouse!’
Han, het begin vind ik keigoed. Dank je wel.
De laatste zin is niet mijn stijl, maar dat maakt niet uit. Het leeft nu in ieder geval wel.
Levja, het is maar een opzetje, een schets. Verander lekker wat je wilt. Dit verhaaltje leent zich er bij uitstek voor niet bij het begin te beginnen, denk ik.
Ja, Han, ik ben het helemaal met je eens dat dit verhaal zich leent om niet bij het begin te beginnen. Daarom kwam er niet uit hetgeen ik wilde verhalen.
Ik bleef hangen in een commentaar dat mij ooit eens werd gegeven dat je bij een dialoog dient te beginnen met een inleiding. Is dus niet altijd het geval.
Overigens vind ik dit wel erg leuk om met elkaar een stukje te behandelen. Leerzaam ook. Dus dank!
Levja, dat ben ik helemaal met je eens. Verreweg leuker dan te verzanden in heftige discussies over bestaande stukjes, met onze eigenwijze meningen.
Han, wat mij betreft voor herhaling vatbaar.
Levja, zeker!