Een christelijk trutje met rood haar en een plooirokje. Maar toch: onder haar rode pony loenste ze nét genoeg om een geringe oogafwijking juist sexy te noemen.
Het zal haar modernere vriendin geweest zijn die haar uit de christelijke kast heeft getrokken: Yvonne was met voorsprong ‘omgeturnd naar ‘underground’, waar meisjes hun haar hennarood verfden. Een strakke spijkerbroek met wijde pijpen afgewisseld door een gebatikte wikkelrok.
Ik meende dat Yvonne op een klassenfoto naar me keek. Ik moest aan haar denken toen ik Meisjes met rode haren hoorde.
In studentensociëteit ‘t Okshoofd kom ik Yvonne weer tegen met nog steeds dezelfde vriendin. De gedachtes, waarbij vaders niet gewild zijn, zorgden voor genoeg wensen – ‘ja, ja, ja… meisjes met rode haren…’


Mooi, sfeervol stukje met een heerlijke openingszin.
Ach ja, Han, ’t Okshoofd. Wat ben ik begin jaren tachtig daar vaak geweest…
@Ewald. Dank je. De portier, ‘Matje’, moest je niet vergeten een fooitje te geven. Anders kwam je er de volgende keer niet meer in. Later is ie er neergeschoten.
Met de entree kreeg je drie consumptiebonnen; broodjes kroket en mosterd uit een grote pot waar iedereen met z’n handen aan zat. Bekende musici kwamen er na hun concert. En over de verslaafden moest je heen stappen.
Han, dat gold voor alle portiers destijds. Waarschijnlijk nog steeds. Ik weet dat de neuzen er veelvuldig werden ‘gepoederd.’
@Ewald. Ik kwam er tot midden jaren 70. Gelukkig hield ik me bij een biertje en Drum met Mascotte. En als ik ’s Zondags moest voetballen, ging ik er niet heen.
Ik heb mij aan meer middelen bezondigd destijds, maar daar hebben we het vaker over gehad. Juist door de aantrekkingskracht die nachtelijk Amsterdam op me uitoefende, ben ik met sporten (Basketball) gestopt.
@Ewald. Kees van Kooten (Cor van der Laak) zou zeggen: ‘Van die dingen dus.’