De oplichtende cijfers van de wekker geven 1.00 uur aan. Het licht van de lamp op de overloop dringt via de kier bij de deur de slaapkamer in. Ik draai me om. Ik draai terug. 1.37 uur nu. Toch even weggezakt. Woelen. Draaien. Het licht brandt nog steeds. 2.01 uur. Geen nieuwe berichten op mijn mobiel. Gordijnen dansen met de windvlagen mee. 2.27 uur. In de verte hoor ik een sirene. Rustig blijven. Het licht brandt nog. 2.35 uur gestommel op de trap. De deur wordt iets opengeduwd, het licht glijdt naar binnen.
‘Ik ben er,’ fluistert hij.
‘Fijn.’
‘Was je nog wakker?’
‘Nee hoor, alleen van de trap.’
‘Welterusten.’
‘Welterusten, vergeet je het licht niet?’
2.36 uur. Eindelijk slapen.


Knap hoe je anderhalf uur (en zes seconden) in 120 woorden hebt weergegeven.
Je nam me mee in dit wakker liggen, Hadeke. Inlevend geschreven, een nachtmerrie voor veel ouders. Ik denk zelfs alle ouders …