Bij mijn moeder werd tuberculose geconstateerd toen mijn oudste broer net 1 was. Ze moest kuren in een sanatorium bij Berg en Dal. Mijn vader ging haar om de week op zondag bezoeken; een wereldreis. Jaap en Laura waren in 1944 getrouwd; hun ‘diner’ bestond voor alle gasten (lees: familie) uit twee boterhammen met spek.
Mijn ouders woonden in bij mijn vaders moeder. Er was ook nog een ongetrouwde tante, Ko, in huis. Zij nam het (op)voeden van mijn broer Kees voor haar rekening.
Toen zijn moeder na anderhalf jaar uit quarantaine kwam, wilde mijn broer – tot haar grote verdriet – niets van haar weten. Tante Ko bleef altijd een speciaal in zijn hart houden tot ze – 99 jaar oud – overleed.

Indrukwekkend
@Willem. Zeer herkenbaar Willem. Mijn oudere broer, die net boven mij, is bij mijn tante (zus van vader) in huis geweest toen ik ter wereld kwam. Toen hij weer terugkwam in het gezin noemde hij mijn oom vader. Dat vond mijn vader idd helemaal niks, maar begrijpelijk is het wel. Ja. Tante leeft nog steeds … 95 jaar.
@Louisa en Luc. Nu een aanleiding om dit familieleed een keer op te schrijven. Overigens is mijn broer nu zelf in quarantaine vanwege het coronavirus.
@Willem. Sterkte Willem, we kunnen allemaal wel een oppepper gebruiken!
Sterkte!