De volledig leeggelopen koning – het klysma had optimaal gefunctioneerd – was zijn vriend de nar dankbaar voor zijn hulp. Hij kon het best begrijpen dat de redder-in-nood niet bij de goede afloop aanwezig wenste te zijn, maar hij wilde hem graag bedanken en appte of hij even langs wilde komen.
Even later zaten achter het schaakbord en de koning zocht naar de juiste woorden om zijn vriend te vertellen dat hij meer dan blij was met zijn interventie.
‘Op zulke momenten beste nar, ben je mijn beste vriend.’
‘O, anders niet?’, reageerde de nar hummig.
‘Jawel, jawel, maar dan voel ik het diep van binnen.’
‘Weet u waar u mij een groot plezier mee zou doen?’
‘Nee, vertel.’
‘Een broodje kroket.’

Mooi begin weer Willem, maar wel een wat gekunsteld einde. Sterker zou bijvoorbeeld al zijn iets in de trant van, wat dacht u van elke week een broodje kroket, het eerst komende half jaar?
Grt
Dank je Luc, goede suggestie, maar die schamele 120 woorden hè …
Ineens was ik weer zo nieuwsgierig naar de koning en de nar, zeker naar de koning en zijn kroket. Misschien was ik te koket?
Zal de hoogheid het me vergeven als ik met blozende wangen beken, dat hij mij in dezen niet heeft behaagt?
Ik mis ze in deze zin: ‘Even later zaten achter het schaakbord en de koning zocht naar de juiste woorden om zijn vriend te vertellen dat hij meer dan blij was met zijn interventie.’
Dat het woordje ‘ze’ mist, zag ik ook. Verder prima. Ook zonder het stukje hiervoor gelezen te hebben. Wel weer alles in vt, maar dat is jouw stijl.
@Levja en Lousjekoesje: volgende aflevering in de tt en tekst die behaagt (zodat ze niet meer klaagt) 🙂