Zoals tegenwoordig in de bouw complete gevels van nieuwe huizen in een fabriekshal gemetseld worden, wordt straks groente enkel nog onder de paarse groeilamp geteeld. Vanuit een gecontroleerde ruimte waar luchtbehandeling en vochtregulatie standaard zijn. De agrariërs van de toekomst volgen het voorbeeld van historische veeboeren en telen voortaan alles binnenshuis. Een boerderij wordt een zeldzaamheid en verdwijnt in de geschiedenisbestanden. In foodhallen ligt de miniem gecontroleerde oogst in -compleet klimaatneutrale- statiegeldverpakkingen tentoongespreid. Samen met de volledig plantaardig gekweekte hamburger en geheel ziektevrije aardappels, een uiterst verantwoorde hedendaagse maaltijd. Een boerenkiel die je tijdens carnaval zou willen dragen roept op tot massaal verzet. Het herinnert iedereen onherroepelijk aan de gevreesde Thunbergtax die thans op elke vorm van consumptie wordt geheven.

Sterk stukje Rop. Als oud-Westlander heb ik in de tuinbouw al een deel van jouw beschrijving werkelijkheid zien worden.
Dank je Willem. Leve de vooruitgang! Of is het meer; niets is meer zoals het was? Grt
Sterk geschreven, Rop. De wijze waarop ons voedsel wordt geproduceerd zal de komende jaren revolutionaire veranderingen ondergaan.
Dank je wel! Ewald.
Zo zou het best eens kunnen worden. Griezelig goed benaderd.
Bij leven en welzijn gaan we het beleven.
Dank je.
Grt.
@Rop. Je moet er niet aan denken!
Zoals tegenwoordig in de bouw; complete gevels van nieuwe huizen binnen in een fabriekshal gemetseld worden – Zoals tegenwoordig in de bouw complete gevels van nieuwe huizen in een fabriekshal gemetseld worden…
De puntkomma hoort hier niet. ‘Binnen’ is overbodig: een fabriekshal houdt al in dat het binnen is.
@Rop. tentoon gespreid – tentoongespreid
Dank je Han, weer 2 woorden extra!
De boerenkool wordt natuurlijk lastig met dat nachtje vorst erover, al zal men daar ook wel een oplossing voor hebben. Je moet er inderdaad niet aan denken maar ik denk dat we worden ingehaald door de bittere werkelijkheid. Grt.
@Rop. Ik hoop het niet mee te maken.
Over bittere werkelijkheid gesproken. Ik woon in een streek waar het grondwitloof (witlof in NL) gekweekt wordt, in het Frans ‘chicons’ van chicorée, bitter dus. Er bestaat ook een hydroteelt (in water) die lang niet dezelfde authentieke smaak oplevert. De witloofboer die putje winter onder ijzeren golfplaten een vuurtje stookte heeft al lang de plaats geruimd voor reuzegrote hangars waar men beschut tegen weer en wind dit ‘witte goud’ kweekt.
Mijn moeder (Zeeuwse van oorsprong) noemt het nog altijd “Brussels lof”, ik vind het zelf niet bijzonder maar smaken mogen verschillen. Zo’n hypermoderne witlofboer zit inmiddels ook aan de rand van het dorp waar ik vandaan kom. De meters tellen, dus de hoogte in, meerdere verdiepingen. (raar woord, we gingen toch de hoogte in?)
Dank voor je info Guido.
Fransen, Rop, noemen het des Endives terwijl wij een Andijvie kennen als een (iets bittere) slasoort. Met mijn ‘gratin d’endives au jambon’ zou ik je wel van mening doen veranderen wat de smaak betreft. Wij eten het in de winterperiode toch minstens één keer per weer, maar wij wonen dan ook in de Witloofstraat (geen grapje).
weer is week natuurlijk.
Hoi Rop, mooie column!
Grappig hoe dit leidt tot de uitwisseling van allerlei culinaire, grensoverschrijdende wetenswaardigheden. ?
@Ton. Dank voor je compliment. Grt.