Ik kon er gewoon niet meer tegen. Haar niet aflatende gebruik van verkleinwoorden had een verwoestende werking op mijn zenuwgestel.
Ze vroeg die ochtend of ik nog een kopje koffie met een suikerklontje en een koekje wilde. Daarna zei ze doodleuk: ‘Vanavond eten we rijst met worteltjes, doperwtjes en bietjes, overgoten met een heerlijk sausje.’ Toen ze zei dat ze mijn pantoffeltjes in het schoenenkastje in het schuurtje had gelegd, sloegen bij mij de stoppen door. Met een honkbalknuppeltje sloeg ik haar hersenpannetje in.
Ze ligt begraven in het plantsoentje naast het kerkje in haar geboortedorpje, op een steenworpje afstand van haar geliefde Madurodam.
Zelf zal ik helaas nog heel wat jaartjes achter de tralietjes moeten doorbrengen. Rust zacht, schatje.

@Cesar. Ja, zo aangezet is het superirritant. Van verkleinwoorden zou ik verkleinwoordjes maken, als je toch bezig bent.
@Han. ‘Verkleinwoordjes’ kan inderdaad, maar daar heb ik over nagedacht: omdat de verteller er zo’n gruwelijke hekel aan heeft, gebruikt hij in zijn uitleg aan de lezer zelf heel bewust het woord ‘verkleinwoorden’ en niet ‘…djes.’ Dat hij vervolgens wel ‘honkbalknuppeltje’, ‘hersenpannetje,’ etc. zegt, is ironisch gebruik, om de woorden van zijn partner nog eens te benadrukken, zo van: ‘Doperwtjes en worteltjes?’ ‘Hier heb je een honkbalknuppeltje op je hersenpannetje.’
Ik twijfel nog enigszins of ‘verkleinwoordjes’ misschien toch beter is, maar gezien bovenstaande uitleg, laat ik het nog (even) zo staan.
@Cesar. Dank voor je uitleg, ik had het wel begrepen hoor. Overigens is ‘worteltjes en doperwtjes’ een normaal begrip. Uiteraard maakt alles achter elkaar het vervelend.
@Han. Het is ook zo dat aanzienlijk veel gebruikers van het Nederlands de gewoonte hebben om voortdurend verkleinwoorden/woordjes te gebruiken. (Zou je voor de grap eens op kunnen letten).
Dat kan vooral in geschreven teksten stilistisch de doodsteek betekenen. Bij iemand met zwakke zenuwen kan het in gesproken taal tot gevolg hebben wat ik hierboven schets ;-).
Mensen hebben vaak (omdat het een gewoonte, een automatisme is geworden) zelf niet door dat ze voortdurend van alles verkleinen. Ik heb een vertaalster er eens op gewezen dat ze zo’n tien tot vijftien verkleinwoorden had gebruikt op één bladzijde, waar er in het origineel geen enkele stond. Waarschijnlijk als schrikreactie reageerde ze daar enigszins paniekerig op.
@Cesar. Ik denk dat doseren heel goed werkt. En spreektaal is anders dan schrijftaal, maar soms moet je min of meer spreektaal gebruiken om het natuurlijker te laten overkomen. Ik eet vanavond worteltjes en doperwtjes. En niet wortelen en doperwten.
@Han. Ik hoop dat er een lekker sausje bij geserveerd wordt. Zelf heb ik in de koelkast een slaatje staan, op basis van aardappeltjes, bietjes, sjalotjes en een uitgeperst knoflookteentje.
Ter leering ende vermaeck nog wat documentatie:
http://jolentaweijers.nl/verkleinwoorden/
https://www.nrc.nl/nieuws/2013/02/08/zoetje-a1491018
https://student.uva.nl/fgw/nieuws/tekstproductie-en-redactie/studentenartike/het-effect-van-verkleinwoorden-op-tekst.html?1557234876865
Cesar. Dank je voor je bijdrage en eet smakelijk ‘met spekjes of zo’.
@Cesar. Een hart voor dit stuk en ook voor het boeiende gesprek tussen twee heren.
@Ewald. Thanx.