Er zijn mensen die, voortgestuwd door kwade levenssappen, de medemens alle kwaad toewensen. Bewust of onbewust, maar altijd vanuit een chronisch onbehagen.
Er zijn ook mensen die met hun goede bedoelingen en hun opdringerige goede raad toch steeds het slechte bereiken.
Ik weet niet wie van hen ik minder onsympathiek vind. Ik weet ook niet wie een grotere zondaar is; beiden bereiken via verschillende wegen toch hetzelfde negatieve resultaat. Ik weet al helemaal niet of er lezers en schrijvers van 120w zijn die zich in een van bovenstaande karakters herkennen.
Daarom sluit ik maar af met een uitspraak van Oscar Wilde:
‘Het is absurd om de mensen in te delen in goede en slechte. Mensen zijn of charmant of doodsaai.’

Leuk.
De eerste zijn er die een gebrek aan empathie hebben, en die dat van zichzelf gerust weten.
De tweede zijn er die ook een gebrek aan empathie hebben, maar dat van zichzelf niet weten.
De charmante zijn er die hun empathie voor hun medemens gebruiken.
En de saaie zijn er die dat niet gebruiken, omdat ze lui zijn of omdat ze er geen hebben.
En het ingewikkelde is
dat
de eersten, de tweeden, de charmanten en de saaien vaak verwisselen van vakje naargelang de situatie waarin ze verkeren. ?
@N.D.D. Dat lijkt me een uitstekende exegese. Weinig aan toe te voegen.
@Cesar. Goed stukje, mooi geschreven. Als lezer had ik het nog mooier gevonden wanneer je de drie zinnen die met ‘ik’ beginnen achter elkaar had geschreven. Steeds op een nieuwe regel beginnen heeft hier voor mij geen meerwaarde.
@Ewald. Dank voor je opmerking over de opmaak. Zoals het er nu staat, valt de nadruk op het repetitieve van het beginwoord ‘ik.’ Achter elkaar opgeschreven zal het denk ik meer verhalend zijn. In ieder geval goed opgemerkt dat het in beide gevallen een ander effect op de lezer heeft. Zelf kom ik er zo gauw niet goed uit welke variant ik nou mooier vind.
@Cesar. Ik heb je stukje gekopieerd en geplakt. Naar mijn mening komen op mijn manier de eerste twee zinnen sterker naar voren.
PS na de eerste twee zinnen zou ik zelfs nog een witregel prefereren.
@Ewald. Ik heb even je advies opgevolgd en de ‘Ik-zinnen’ achter elkaar geplaatst. Zo wordt het mogelijk wat verhalender. Ik kijk er een tijdje tegenaan en als het bevalt, laat ik het zo staan.
Je hebt het over een witregel na de eerste twee zinnen, maar dat lijkt me niet logisch. Bedoel je soms na de eerste drie zinnen? Als ik dat zou doen, krijg ik ook de neiging om na ‘karakters herkennen’ dan ook een witregel te plaatsen, voor de balans.
@Cesar. Excuses. Inderdaad na de eerste drie zinnen bedoelde ik. Ik denk dat je gelijk hebt wat betreft die tweede witregel.
@Ewald. Ik heb je adviezen opgevolgd en de opmaak met witregels verfraaid. Hopelijk oogt het inderdaad beter zo.
@Cesar. Oogt beter. Leest ook beter en komt sterker over.
@Cesar; Beoog je met dit stukje ook de inhoudelijke discussie op gang te brengen of hou je enkel een spiegel voor.
Ik voel zelf namelijk veel voor om de zaak eens om te draaien; het resultaat van beide levenssap verspreiders kan in hun trots of beleving wel degelijk een weg naar positiviteit bereiken, waar een ieder die zich erover opwindt negativiteit verspreidt.
Zo is de schifting tussen charmant en saai ook te belichten vanuit verschillende kanten;
Is het saai om charmant te willen zijn, of
Staat het charmant om saai te zijn.
@Moeder. Ik beoog slechts een eigentijdse fictieve variant weer te geven van de ooit door Hippocrates ontwikkelde theorie van de lichaamssappen, of levenssappen of humores (Latijnse term). Iedere interpretatie, zoals jouw yin en yangversie, is uiteraard welkom, want dat levert weer nieuwe inzichten en nieuwe verhalen op.