We dansten, we dansten alsof we er dood van wilde gaan. Ik woonde in de muziek en de muziek woonde in mij. Daarna was er stilte. Ik woonde in de stilte en de stilte woonde in mij.
Onder de douche, het stromende water over mijn hoofd, mijn huid en mijn gedachten. En ik was bang, bang voor het moment dat ik niet meer dansen kon. Want dat het moment ging komen wist ik, ik kende het heel goed. Ik woonde in mijn gevoelens en mijn gevoelens woonde in mij.
Daar komen ze al knarsen, knauwen, grommen, grauwen. Sluipend, slopend komen ze op mij af. En daar zijn ze dan. Ik woon in het donker en het donker woont in mij.

Bijzonder mooi weergegeven, Ilse.
Twee kleine foutjes:
… alsof we er dood van wilde gaan – … van wilden gaan …
… mijn gevoelens woonde in mij – … mijn gevoelens woonden in mij
We en gevoelens zijn meervoud.
Mooi!